Foto

GROOTHOEK OF TELE?

Een mooi landschap fotograferen is op de juiste plek zijn, op de juiste tijd en onder de juiste omstandigheden. Mooie kleuren in de lucht, laagstaande zon en indrukwekkende wolken leveren een betoverend beeld op. Een groothoek zorgt er voor dat er ook zoveel mogelijk van op de foto komt. Het resultaat zal zeker veel ooh’s en aah’s opleveren op sites zoals Flickr, 500px, Viewbug of Facebook. Succes gegarandeerd. Het is ook een foto die niet zo maar in de schoot geworpen is, want dit is een moment waar je al weken voor op pad bent geweest, elke keer weer hopend op de goede omstandigheden, de juiste kleuren en de beste wolkenpartijen. Als het dan zover is, sta je klaar met je camera en ultra-groothoek om ook echt alles op de foto te krijgen.

Maar waarom jezelf beperken door alleen maar ultra-groothoek te gebruiken? Natuurlijk is het moment zo indrukwekkend dat je ogen te kort komt. En ultra-groothoek krijgt het allemaal op de foto, dus hoe breder hoe beter.

Alles op de foto willen hebben heeft echter consequenties. Hoe meer er op de foto moet komen, hoe kleiner het allemaal afgebeeld zal zijn. Natuurlijk gebruiken we dan wat voorgrond om geen heel platte foto te krijgen, er moet natuurlijk wat diepte in de foto gebracht worden, maar die indrukwekkende lucht met bomenpartij aan de horizon zal dan wel heel klein worden. Zo klein zelfs dat er geen details meer zichtbaar zullen zijn. Op dat moment bestaat het risico dat die indrukwekkende lucht, waar we toch al die weken voor op pad zijn geweest, later thuis toch niet helemaal zal overkomen zoals we het ervaren hebben.

We kunnen natuurlijk overwegen om tot de digitale redding over te gaan, door kleuren te benadrukken, delen door te drukken of op te halen, om zo toch die ervaring in het veld terug te krijgen, maar dat haalt het toch niet helemaal (of helemaal niet) met de werkelijkheid.

WAT ALS... TELE IN PLAATS VAN GROOTHOEK

Stel dat je ervoor gekozen had om niet alleen maar alles op de foto te zetten, maar juist ook minder. Wat als we geen tientallen foto’s met alleen groothoek hadden gemaakt, en toch dat teleobjectief op de camera hadden gezet. Wat zou daarvan het resultaat zijn?

Foto 2: Geen 17mm groothoek maar 130mm tele laat plotseling details zien; de vorm van de boomrkuinen, de zon zelf, veel rood, waaronder een rode reflectie in het water.

Met een teleobjectief komen plotseling details in beeld die in de groothoek opname helemaal verloren gingen. We zien de vorm van de bomen, de bladeren in de kruinen. Er is een glimp van de zon te zien en de rode lucht die eerder een dunne band aan de horizon was vult een groot deel van het beeld. Sterker nog, in het water is een duidelijke reflectie van de rode lucht te zien. Allemaal details die in de groothoek opname helemaal weggevallen zijn. Het enige nadeel is het ontbreken van die zware bewolkte lucht. Het contrast tussen het rood en het donkere blauw is niet langer zo indrukwekkend. Misschien is er dan toch te ver ingezoomd?

Foto 3: Een perfecte balans tussen detail en hoeveelheid wordt in dit geval bereikt met 40mm brandpunt. De details van de bomen tegen het rode licht, en het contrast met de zware donkere wolken is fantastisch.

En wat blijkt. Op het moment dat er, in dit geval, een standaard brandpunt van 40mm wordt gekozen is de balans tussen voorgrond, de silhouetten, en de omgeving in orde. Het rode licht steekt bijzonder mooi af tegen de donkere, dreigende wolken. Details zijn behouden, zoals de vormen van de bomen, het rode reflecterende licht in het water. En het mooiste van alles, we worden niet langer afgeleid door een voorgrond die uiteindelijk geen echte toegevoegde waarde had.

Zo zie je dat het kiezen van een juiste brandpunt een enorme invloed op een foto heeft, waarbij het weglaten van onnodige elementen in het landschap de foto alleen maar sterker maakt. Vergeet in dit geval de groothoek want het is niet nodig om alles, of zoveel mogelijk, in beeld te krijgen.

GROOTHOEK TABOE?

Betekent dit dan dat, anders dan wat er overal gezegd wordt, groothoek dan beter niet gebruikt kan worden bij landschapsfotografie? Het antwoord daarop is natuurlijk een duidelijke ‘Nee’. Er zijn wat dat betreft geen regels.groothoek objectieven voor landschappen is zeker geen taboe, net zomin als er een taboe op tele objectieven is.

Het is echter wel belangrijk om goed te kijken naar je landschap en te bepalen wat je in je foto wilt laten zien. Meer van het landschap in je foto is niet altijd beter. Lang niet altijd, hoe indrukwekkend het ook is. Zorg dat wat je wilt laten zien ook duidelijk in beeld komt, zoals bij de zonsondergang in het bovenstaande voorbeeld. Laat de kijker niet afleiden door een overdaad aan elementen of details, en laat hem of haar niet zoeken in een foto. Hou het simpel en de foto zal in veel gevallen meer tot de verbeelding gaan spreken. Als dat met groothoek is, gebruik dan groothoek . Als dat met een ttele objectief is, gebruik dan een tele objectief , ongeacht wat anderen zeggen. Maar zorg wel dat je laat zien wat je wilt laten zien.

KORTE OF TOCH LANGE BRANDPUNTSAFSTAND - VOORBEELDEN

Heide op de Veluwezoom, alles met groothoek of een detail met het spel van licht, schaduw en de lijnen van de heuvels in detail. Gefotografeerd vanuit nagenoeg hetzelfde standpunt.

Zonsopkomst boven een ven. Alles met groothoek is minder sfeervol dan alleen de zon en de kleuren op die plek. Juist het effect van de mist komt beter tot recht met een tele objectief . Gefotografeerd vanaf ongeveer dezelfde plek.

Stuwmeer Barrage de La Gileppe; een indrukwekkend en uitgestrekt landschap dat beter tot recht komt met een tele objectief .

Foto: Gerda Hanemaaijer

 

Paddenstoelen zijn een geliefd onderwerp om te fotograferen. Na een regenperiode kun je ze overal aantreffen, praktisch het hele jaar door, in de meest prachtige vormen en kleuren.

PADDENSTOELEN FOTOGRAFEREN, WAT KOMT ER ZOAL BIJ KIJKEN?

In eerste instantie lijkt het fotograferen van een paddenstoel vrij makkelijk. Ze staan doorgaans stil en je hebt dan ook alle tijd om een foto te maken. In de praktijk zul je merken dat je die tijd vaak ook nodig hebt, want er zijn toch een aantal factoren die roet in het eten kunnen gooien. Hoe maak je nou betere foto's van paddenstoelen? Door rekening te houden met deze nadelige factoren, trucjes toe te passen en te weten hoe je camera reageert. Moeilijk? Nee, totaal niet, maar je zult wel even de moeite moeten nemen om dit artikel door te lezen.

ALGEMENE INFORMATIE

Wanneer en waar vind je paddenstoelen?
In het bos in de herfst denk iedereen meteen, dat klopt gedeeltelijk. Na een periode van regen, schieten ze vanaf 10 dagen als paddenstoelen uit de grond. De climax is in de nazomer of vroege herfst, maar ook een groot gedeelte in het voorjaar. Als het na een natte periode ook nog wat vochtig en warm blijft, dan zijn de omstandigheden ideaal. In het bos, het duin, de berm of het gras, overal kunnen ze opduiken. Let ook op zieke bomen of afgevallen takken. Op dood hout tref je de saprofyten aan, dit zijn de opruimers onder de paddenstoelen, ze leven van dit materiaal. Ook heb je heel veel mycorrihza soorten, deze gaan een symbiose (samenwerkingsverband) aan met vegetatie. Hun gastheer is is vaak een boom of struik. Daarnaast heb je nog een aantal parasieten, die kun je zelfs op een nog gezond lijkende boom aantreffen. Uiteindelijk zal zo'n boom het niet overleven. Paddenstoelen staan dus niet alleen op de grond, maar soms ook meters er boven!

Paddenstoelenfotografie en macrofotografie
Maak je een foto van een paddenstoel, dan zal dat meestal een macro opname zijn. Klik hier voor meer informatie over macrofotografie en de diverse producten die je hiervoor kunt gebruiken. Ook reuze handig: het praktijkboek macrofotografie.

Handmatige bediening
Het beste zet je de camera in de M-stand, dan heb je volledige controle over alle instellingen. Eventueel kun je ervoor kiezen om de A of AV stand te nemen. Het diafragma is zeker iets waar je invloed op moet hebben tijdens het fotograferen van paddenstoelen. Lijkt handmatige bediening je moeilijk? Neem eerst eens een foto in de automatische stand, kijk wat voor instellingen er gebruikt zijn en neem die zelf over in de handmatige stand. Door nu zelf kleine veranderingen te maken, zie je meteen het resultaat en heb je uiteindelijk toch zelf de touwtjes in handen. Lees hier meer over handmatig belichten.

Foto: Tijmen Teunissen
 
Foto: Tom Kruissink

 

De beste camera voor paddenstoelenfotografie?
Het maakt eigenlijk niet heel veel uit of je een spiegelreflex, compact of systeem camera hebt. Elk type camera heeft zijn voor- en nadelen.

De voordelen van de compactcamera
De compactcamera neem je sneller mee als je gaat wandelen, tijdens je wandeling kom je natuurlijk die mooie paddenstoelen tegen die je wilt fotograferen. Met de compactcamera heb je veel meer scherptediepte, het is minder moeilijk om de paddenstoel in zijn geheel scherp op de foto te krijgen. Dit is overigens ook meteen weer een nadeel, je hebt hierdoor ook sneller last van een storende achtergrond.

De voordelen van de spiegelreflex
Als eerste noem ik de betere ruis prestaties op hogere ISO en het kunnen gebruiken van specifieke macrolenzen. Daarnaast heb je natuurlijk enorm veel keuze uit extra accessoires, je moet het alleen wel allemaal meesjouwen.

Dit waren in het kort even de voor en nadelen, er zijn natuurlijk uitzondering zat maar daar ga ik nu niet verder op in, je wilt mooie paddenstoelen fotograferen. Die camera heb je waarschijnlijk al, laten we echt gaan beginnen!

DE TIPS VOOR HET FOTOGRAFEREN VAN PADDENSTOELEN.

Voordat je aan de slag gaat, wees er zeker van dat je de complete uitrusting bij je hebt en dat je in de goede periode zit om paddenstoelen te fotograferen.

1. KIES EEN MOOI EXEMPLAAR

Dit lijkt makkelijker dan het is. Breng je een paddenstoel groot in beeld, dan vallen beschadigingen en vuil extra goed op. Let dus goed op de kleine details. Enkele tips die hierbij het leven kunnen vergemakkelijken:

1.1. Neem een kwast mee 
Geen penseel met zachte haren, maar een klein kwastje met wat stuggere haren. Veeg hiermee viezigheid van je paddenstoel, zoals door de regen opgespatte modder.

1.2. Neem water mee 
Je kunt je eigen dauwdruppels meenemen in een spuitflesje, of dit water gebruiken i.s.m. de kwast. Simuleer een vallende regendruppel, laat een stuifzwam zijn sporen uitstoten en leg dit vast.

1.3. Kies de mooiste zijde
Kijk zorgvuldig, een paddenstoel heeft vaak een beste kant om te fotograferen. Helaas is dat niet altijd de kant die het beste uitkomt met de achtergrond, het licht, of misschien wel de toegankelijkheid.

Natuurlijk ga je niet 10 minuten schoonmaken om er vervolgens achter te komen dat je achtergrond niet mooi genoeg is.

2. ACHTERGROND EN COMPOSITIE

Ga je foto's maken, dan let je natuurlijk altijd op de setting. Voor paddenstoelen geldt dit des te meer. Loop je voorbij een paddenstoel en druk je snel even af, dan krijg je een "kiekje", in ieder geval zeker geen foto waarmee je onze fotowedstrijd wint. Door na te denken over de situatie ter plekke en het toepassen van enkele handigheidjes, voorkom je de frustratie van lelijke, onrustige foto's met storende factoren in beeld.

 

Foto: Kimberly Kleefman

EEN AANTAL ZAKEN OM OVER NA TE DENKEN:

2.1. Bepaal het standpunt
Bepaal vanuit welke hoek je de paddenstoel gaat fotograferen. Een foto van bovenaf kan verassend zijn maar, vaak kies je toch voor een zijaanzicht, en dan zo laag mogelijk. Laat je de onderkant van de hoed zien of niet? 

Hulpmiddelen bij een laag standpunt
Ultra laag standpunt gebruiken? Denk aan je knieën, vocht etc.. Een kniekussen of vuilniszak doen wonderen. Wat te denken vanzo'n handig opvouwbaar krukje?  Ook hulpmiddelen als live view, een klapschermpje, de hoekzoeker, of het beeld controleren op een extern scherm of je mobiel via WIFI, kunnen reuze handig zijn. 

2.2. Kijk naar de achtergrond
Loop rondom het onderwerp en kies de meest geschikte achtergrond. Enkele zaken waar je over na zou kunnen denken: is je achtergrond rustig, veraf, extra donker of ga je een spannende tegenlicht opname maken? Heb je mos, een tak of misschien wel andere paddenstoelen die iets toevoegen op de achtergrond?

2.3. De compositie
Let op kleur, herhaling, diagonalen, contrast verschil, vormen etc. etc. Pas je de regel van derden toe, of juist bewust niet? Durf ook te experimenteren, het klassieke zijaanzicht kan natuurlijk schitterend zijn, maar denk ook eens "out of the box". Kies een apart standpunt, een krap kader, snij je beeld aan, maak een close up van een detail van de paddenstoel, pak je groothoeklens, etc. etc. Kortom, besteed tijd en aandacht aan je foto!

Misschien is je uiteindelijk foto wel een compromis, maar je kunt wel een aantal dingen naar je hand zetten.

3. MANIPULATIE

Voor sommigen klinkt dit misschien als "not done". Het is echter niet meer dan iets veranderen. Mits je het netjes en niet te opvallend doet, kun je altijd het een en ander aanpassen naar wens.

3.1. Verwijder storende factoren
Losse storende zaken als bladeren en takken zijn makkelijk te verwijderen. Ook een plukje mos of grassprietje kun je gerust weghalen. Een stuk bos kappen kan natuurlijk niet, je bent te gast in de natuur, zorg ervoor dat een ander er ook nog van kan genieten.

3.2. Neem je eigen achtergrond mee
Valt die mooie donkere achtergrond net aan de verkeerde kant van de paddenstoel? Een vel karton doet wonderen. Denk daarbij niet alleen aan zwart, maar ook aan andere contrasterende kleuren. Zorg er wel voor dat je opname natuurlijk blijft en niet overkomt als een geknutselde studio opname.

3.3. Gebruik de natuur als achtergrond
De natuur zelf kent ook hele mooie achtergronden. Denk aan een paddenstoel op een tak, de combinatie met mos, donkere achtergronden of spannende tegenlicht opnamen. Herhaling van andere paddenstoelen op de achtergrond, het profiteren van aanwezige kleuren in de verre achtergrond zoals sappig groen etc..

3.4. Fotobewerking
Was de situatie in het veld onoverkomelijk niet geheel naar wens? Per ongeluk iets over het hoofd gezien tijdens de opname? Met software kun je natuurlijk ook een achtergrond vervagen, zaken blurren, of een storend vlekje wegpoetsen.

Foto: M.T. Roos

 

Foto: Ron Poot

 

4. REGEL JE EIGEN LICHT

Een van de meest voorkomende problemen bij paddenstoelen fotografie, het gebrek aan licht. Voor dit probleem kun je heel veel oplossingen bedenken, ik noem er een aantal.

4.1. Flitslicht
Is het heel erg donker, of fotografeer je met een overvloed aan tegenlicht en is een invulflits wenselijk om nog wat detail in je onderwerp te krijgen, dan zul je toch gebruik moeten maken van een flitser. Dat is doorgaans de stelregel in de fotografie.

Flitsen bij paddenstoelen is niet bepaald makkelijk. Maak je wel gebruik van een flitser, dan is het risico groot dat je een heel stuk (lelijke) omgeving mee gaat verlichten. Vaak zit je met je camera ook dicht tegen je onderwerp aan, waardoor flitslicht erg hard aankomt. Tevens zijn paddenstoelen meestal vochtig en/of bezitten ze witte delen, met deze beide factoren ben je al snel verzekerd van uitgebeten wit of hinderlijk reflecterende vlakken. Het gebruik van de flitser op het toestel zelf is dan meestal ook geen succes. Wil je die wel gebruiken, neem dan wat meer afstand en fotografeer in de telestand. Temper je harde flits met eenflash diffuser of knutsel zelf wat in elkaar. Denk bijvoorbeeld ook aan een soort snoot om je flitslicht op je onderwerp te concentreren.

Flitsen met een externe flitser gaat een stuk beter. Zet deze bijvoorbeeld vanaf de zijkant in, of als tegenlicht voor speelse effecten. Ook zijn er speciale macroflitsers verkrijgbaar. Zo'n macro flitser zit meestal rondom je lens, op deze manier krijg je een mooie, egale lichtverdeling.

4.2. De sluitertijd langer maken
Verleng de sluitertijd en je krijgt meer licht, zo simpel is het. Je kunt bij een stilstaand onderwerp gerust meerdere seconden belichten, maar daar heb je dan wel een statief bij nodig.

Hulpmiddelen bij langere sluitertijden

Het statief
Veel mensen denken dat het fotograferen vanaf een statief meteen heel veel geld moet kosten, of erg onpraktisch is omdat je veel volume en gewicht moet meeslepen. Dat hoeft niet beslist. Redged heeft een super compact en licht statief in het assortiment. Het is niet duur, past in vrijwel elke rugzak en je kunt er heel laag bij de grond mee fotograferen, ideaal voor macro dus.

Daarnaast kun je dit statief ook prima voor andere zaken gebruiken. Door de gunstige afmetingen en het lage gewicht is deze Redged ook ideaal als reisstatief. Persoonlijk sleep ik in ieder geval liever niet teveel mee op een wandeltocht of tijdens vakantie, dan blijft die Gitzo thuis en gaat dit kleine Redged statief mee in de rugzak.

De afstandsbediening
Als je een paar tellen belicht en je raakt de camera aan, dan bestaat de mogelijkheid dat je toch nog trilling registreert afkomstig van je handen. Druk daarom niet rechtstreeks af op je camera, maar gebruik een draadontspanner. Of de WIFI mogelijkheden door met een app op je mobiel de camera op afstand te activeren, de triggertrap of de "good old" ontspanvertraging.

Ontspanvertraging
Dat is het bekende knopje met dat klokje en wijzertje, die je misschien ook gebruikte voor de familiefoto waar je zelf bij op moest staan. Je camera maakt nu de foto een paar tellen later, de beweging bij het aanraken van de knop is er dan wel uit.

Windproblemen
Ondanks het gebruik van een statief toch nog een hinderlijke wind die trilling veroorzaakt? Een paraplu als windscherm doet wonderen. Dat heeft mij in de praktijk al heel veel ellende bespaard!

4.3. Verhoog de ISO waarde
Pas de ISO instelling aan, met de nieuwere camera's van tegenwoordig kun je vaak ontzettend hoge waarden instellen. Geheel straffeloos gaat dit natuurlijk niet, ondanks de steeds betere ruis prestaties van de camera's gaat dit wel ten koste van de beeldkwaliteit. Wel kun je beter een iets hogere ISO setting gebruiken en de foto aan de lichte kant houden, dan een wat lagere ISO stand nemen en daarna de foto oplichten met software. Het helderder maken zal de ruis altijd versterken. 
Persoonlijk zoek ik liever een andere oplossing dan de ISO teveel omhoog gooien, of ik maak de foto niet, tenzij het om een hele zeldzame paddenstoel gaat, maar dan fotografeer je met een ander doel. Het fotograferen met hoge ISO waarden heeft nog veel meer nadelige gevolgen voor de foto dan alleen maar beeldruis. Maak eens wat testopnames en beoordeel tot welke waarde je wilt gaan, voordat je teveel kwaliteitsverlies gaat ervaren. Dat voorkomt ergernis thuis als je terugkomt met schitterende paddenstoelen, maar je net wat te ver bent gegaan met je instellingen.

4.4. Neem je eigen studio verlichting mee!
Een hele simpele oplossing, neem gewoon verlichting mee. Een lamp kun je zo afstellen dat het licht precies op je paddenstoel valt, en dat de rest van de omgeving donker blijft. Dit kan variëren van een simpele zaklamp tot speciale macro hulplampen die zich perfect laten regelen, al of niet met filters. Met een zaklamp moet je namelijk altijd opletten dat het licht niet hinderlijk aanwezig is op de foto. Harde, opvallende lijnen doen natuurlijk meer kwaad dan goed. Een hele handige, compacte verlichting met veel mogelijkheden is deze set van Falcon Eyes. Je hebt 3 lampen die je helemaal kunt verstellen en apart kun regelen qua helderheid. 

4.5. Het reflectiescherm
Een reflectiescherm is een vorm van passieve verlichting, je reflecteert het aanwezig licht. Vaak heb je wel licht van 1 kant, maar valt de andere helft van je paddenstoel daardoor in de schaduw. Door met een reflectiescherm aan de donkere zijde het licht terug te reflecteren richting paddenstoel, compenseer je perfect te schaduwrijke partijen. Ook ideaal om de onderkant van licht te voorzien. Je kunt natuurlijk ook een spiegel gebruiken, een vel (gelamineerd) wit papier of een stukje folie, maar met een speciaal reflectiescherm heb je de meeste controle. Duur zijn ze niet en omdat ze opvouwbaar zijn nemen ze ook niet veel ruimte in beslag. Deze set heeft zelfs een zwart scherm ertussen, zodat je hem ook als achtergrond kunt gebruiken. 

4.6. De flitsparaplu
Ik had het al over een paraplu tegen de wind, waarom dan niet meteen een flitsparaplu nemen? Je kunt er mee reflecteren of een teveel aan licht tegenhouden. Gebruik hem i.s.m. een flitser, zaklamp of creëer prachtig, diffuus licht door een teveel aan zonlicht tegen te houden. De mogelijkheden zijn onbegrensd.

Foto: Trudy Gerritsen

5. SCHERPSTELLING

Bij paddenstoelenfotografie komt het scherpstellen nogal precies. In veel gevallen kun je niet eens werken met autofocus.

5.1. Gebruik handmatige scherpstelling. 
Bij het fotograferen van paddenstoelen is handmatige scherpstelling aan te bevelen. De autofocus zal vaak slecht werken doordat je doorgaans minder licht hebt. Ook is de scherptediepte gering bij deze vorm van fotograferen, je ziet dus extra snel dat de scherpte niet optimaal is, of dat er net op het verkeerde punt is scherpgesteld.

Heb je geen handmatige scherpstelling? 
Geen nood, gebruik een wit stukje plastic of papier, leg dit op de paddenstoel waar je hem scherp wilt hebben en druk de ontspanknop voor de helft in. Je camera stelt hierop scherp, je drukt pas af nadat je het papiertje hebt weggehaald.

Autofocus traag en zoekende?
Richt een zaklamp op de paddenstoel, druk wederom de ontspanknop voor de helft in en als je camera de goede scherpte heeft gevonden, zet je de lamp uit en druk je af.

5.2. Gebruik je display i.p.v. je zoeker
Gebruik live view, zoom in op je display en bepaald exact waar je de scherpte wilt hebben. In dit soort situaties kun je vaak beter de scherpte op je display bepalen, dan dat je jezelf in de meest moeilijke posities manoeuvreert om door een donkere zoeker te kijken.

Te weinig scherptediepte of geen mooie wazige achtergrond? Lees hier meer over scherptediepte en onscherpe achtergronden.

Tot slot wens ik je veel creativiteit toe en prachtige foto's als eindresultaat.
Foto Tom Kruissink, onderscheidende foto van paddetoelen

Wil je alles scherp op de foto of een onderwerp isoleren en een wazige, onscherpe achtergrond (bokeh) creëren? Lees dan deze uitleg over scherptediepte en bepaal voortaan zelf welk deel van je foto scherp of wazig is tijdens het fotograferen.

Scherptediepte, wat is dat nou eigenlijk?

De scherptediepte, in het Engels DOF (Depth Of Field) genaamd, is het gebied in de foto dat we als scherp ervaren, zie de onderstaande foto van narcissen ter verduidelijking.

 

Een foto genomen met een kleine scherptediepte (L) en een grote scherptediepte (R)

Op de eerste foto zie je dat er maar weinig scherp is. Op de tweede foto zie je dat alle narcissen scherper zijn en dat de achtergrond ook meer scherpte heeft gekregen. Je kunt dit scherpte gebied dus zelf groter en kleiner maken. Als er veel scherp is in je foto spreken we van een grote scherptediepte of DOF, is er maar weinig scherp dan noem je dat een kleine scherptediepte. Soms wil je dat alles van voor tot achter helemaal scherp is op je foto, dat is vaak zo bij landschapsfotografie. De voorgrond wil je dan meestal net zo scherp hebben als de horizon. Er zijn ook gevallen dat je liever minder scherptediepte hebt, de achtergrond kan dan bijvoorbeeld storend zijn, wat vaak het geval is bij macrofotografie. Fotografeer je een paddenstoel, dan moet deze scherp zijn, maar de storende bladeren op de achtergrond hou je liever wazig. Ook kan het heel interessant zijn om juist een klein deel scherp te houden om daar de aandacht op te vestigen. Kortom, als je controle hebt over de scherptediepte komt dat de creativiteit ten goede. Fantastisch, maar hoe stel je dat nu in op je camera?

Veel scherp = grote scherptediepte
Weinig scherp = kleine scherptediepte

Camera instellingen voor scherptediepte

Eigenlijk is het heel simpel, zet je camera in de AV-stand (Canon) of de A-stand (Nikon), in deze zogenaamde diafragmavoorkeuze stand bepaal je zelf het diafragma, ook wel de F-waarde genoemd. Draai aan het instelwiel en verander het diafragma getal. Maak je het getal groter dan is er meer scherp, verklein je het getal dan is er minder scherp.

Groter F-getal = meer scherp
Kleiner F-getal = minder scherp

Van groot naar klein, van scherp naar onscherp.

Is het dan zo simpel?

Ja en nee. Meer camera instellingen om de scherptediepte te regelen zijn er gewoonweg niet. Er zijn echter nog wel een aantal andere factoren die invloed hebben op de scherptediepte. Sterker nog, het begint al bij de keuze van je camera. De grootte van de beeldsensor is namelijk bepalend voor de scherptediepte.

1. Grootte van de sensor en camera keuze

De spiegelreflexcamera
Hierin zitten de grootste sensoren, vooral in de fullframe camera's. Met zo'n zogenaamde dSLR camera geniet je dus van de geringste scherptediepte. Wil je creatief aan de slag met beperkte scherptediepte, dan zit je met zo'n camera altijd goed.

De systeemcamera
In een systeemcamera tref je vaak een sensor aan van een tussenmaat. Niet zo groot als in een dSLR, maar ook niet zo klein als die van de compactcamera. Prima om mee te experimenteren dus.

De compactcamera
Compact camera's hebben doorgaans de kleinste sensoren, al kun je vandaag de dag compactcamera's krijgen met een grotere sensor, soms wel zo groot als het formaat in een spiegelreflexcamera. Met zo'n kleine sensor zijn je foto's vaak scherp van voor tot achter, wat bijvoorbeeld ideaal is bij landschapsfotografie. Het grote nadeel is natuurlijk dat een wazige achtergrond creëren veel moeilijker is, en soms zelfs onmogelijk.

2. Afstand tot je onderwerp

Sta je dicht bij je onderwerp waarop je hebt scherp gesteld, dan heb je maar weinig scherptediepte. Ga je verder van je onderwerp af staan, dan heb je meer scherptediepte.

Minder afstand tot onderwerp = minder scherptediepte
Meer afstand tot onderwerp = meer scherptediepte

3. Meer telebereik

Zoom je meer in of pak je een lens met een grote brandpuntsafstand (meer millimeters), dan krijg je een kleinere scherptediepte. Bij een groothoek opname is bijna altijd alles scherp, bij een grote telelens is er zo een smal gebied scherp dat je al snel een wazige achtergrond krijgt. Dan gaan we er wel even vanuit dat je vanaf dezelfde afstand aan het fotograferen bent. Ga je met een groothoeklens zo dicht op je onderwerp staan dat het even groot in beeld zou komen als bij een telelens, dan is de scherptediepte hetzelfde.

Meer groothoek = meer scherptediepte
Meer telebereik = minder scherptediepte

Hoe zit het eigenlijk met die wazige achtergrond?

Scherptediepte en een wazige achtergrond zijn niet dezelfde begrippen, maar zijn wel nauw met elkaar verbonden. Punt 2 en 3 zou je kunnen samenvoegen en er het begrip afbeeldingsmaatstaf aan hangen, ook wel vergrotingsfactor of reproductiefactor genoemd. Dat is hoe groot je een onderwerp daadwerkelijk in beeld kunt brengen. Dit is uiteraard afhankelijk hoe dicht je het onderwerp kunt benaderen met je lens en hoe ver je daar dan op in kunt zoomen. Een grote telelens die je al van 10cm scherp zou kunnen stellen heeft dus een hele hoge vergrotingsfactor. Macrolenzen hebben ook een hoge vergrotingsfactor, je kunt ze immers erg dicht op het onderwerp drukken. Nu snap je waarschijnlijk meteen waarom je bij macrofotografie zo'n beperkte scherptediepte hebt en veelal super wazige achtergronden.

Karakteristieke tele-opname met weinig scherptediepte. Foto gemaakt door Nathan Vink.

De onscherpe achtergrond

De volgende factoren geven je dus een wazigere achtergrond:

  • Een hogere vergrotingsfactor, dus meer telebereik of dichter bij je onderwerp staan. Dit combineren is natuurlijk nog beter.
  • Een grotere sensor in je camera.
  • Er voor zorgen dat je achtergrond verder weg is. (Niet het model tegen de muur, maar er een stuk voor)
  • En het enige wat je met de camera kunt instellen, het diafragma. Een kleiner F-getal geeft een wazigere achtergrond.

Door in te zoomen op de bol creëer je een onscherpe achtergrond. Foto gemaakt door Jelle Wognum.

Enkele tips en praktijkvoorbeelden

Wazige achtergrond maken met een compact camera
Een mooie onscherpe achtergrond maken met een compact camera is moeilijker dan met een spiegelreflex of systeemcamera, maar niet onmogelijk.

  1. Zet de camera in de A of AV stand
  2. Kies een zo klein mogelijk F getal
  3. Gebruik zoveel mogelijk optische zoom en ga dan zo dicht mogelijk op je onderwerp staan.
  4. Zorg ervoor dat de ruimte tussen je onderwerp en de achtergrond zo groot mogelijk is.
  5. Druk af

Landschapsfoto maken waarop alles scherp is
Met de compact camera is dit vrij simpel, de scherptediepte is immers gigantisch.

  1. Zet de camera in de A of AV stand
  2. Kies een zo groot mogelijk F getal
  3. Druk af

De afgelopen jaren zijn alle camera fabrikanten bezig geweest met een zogenaamde Megapixel oorlog. De ene fabrikant adverteerde met de nieuwste 40MP sensor, een week later kwam de volgende alweer met 42. Maar wat zijn megapixels en is meer altijd beter? Wat zijn de voor- en nadelen van een groot aantal megapixels? In deze blog ga ik antwoord geven op deze vragen.

Een pixel is een lichtgevoelige cel die zich bevindt op een sensor (zie bovenstaande afbeelding). Het aantal megapixel is een term voor het aantal pixels die zich op de sensor bevinden. Als een sensor één megapixel heeft, betekent dat dat de sensor 1 miljoen pixels bevat. Een sensor met 10 megapixels heeft dus 10.000.000 pixels!

Het aantal megapixels (ook wel MP genoemd) is te vergelijken me de resolutie van een computerbeeldscherm. Een resolutie van 1280x1024 pixels (tegenwoordig gemiddeld) betekent dat het beeldscherm horizontaal 1280 pixels bevat en verticaal 1024. Dat komt neer op ongeveer 1,3 megapixels. Moderne camera's hebben echter een veel hogere resolutie. Een 20 megapixel camera heeft bijvoorbeeld een resolutie van 5184x3456 pixels. Dat betekent dat deze 5148 pixels horizontaal bevat en 3456 pixels verticaal, oftewel 20.000.000 pixels! Je hoort vaak dat het gebruiken van veel megapixels geen enkel nut dient, maar is dat wel waar? Laten we eens kijken naar de grote voor- en nadelen van veel megapixels.

Voordelen groot aantal megapixels

Er zijn twee grote voordelen van meer megapixels. Het eerste voordeel is dat de data, die verzameld wordt door de lichtgevoelige cellen, nauwkeuriger wordt opgeslagen omdat er meer pixels zijn die licht kunnen registreren. Hou in je achterhoofd dat elk blokje 1 megapixel is dus 1.000.000 individuele pixels bevat.

Aantal pixels op een sensor. Meer pixels geven meer details.

Vertaald naar de foto betekent dit simpelweg dat er meer detail in de foto te zien zal zijn. Dit valt voornamelijk op bij foto's met heel veel kleine details. Denk hierbij bijvoorbeeld aan een grasveld, waar elk grassprietje apart geregistreerd moet worden, of aan de stof van een persoon bij een portretfoto. Des te hoger de resolutie, dus het aantal megapixels, des te meer informatie er wordt opgeslagen en des te meer detail je zult zien in het gras en de stof. Onderstaande afbeelding geeft het voorbeeld van het gras. Bij een sensor met een klein aantal megapixels (8 in dit geval) zijn er verticaal maar 2 MP om het gras te registreren, bij de 48 MP zijn dat er maar liefst 6. Dat betekent grofweg dat, enkel in het verticale gebied, de sensor 3x zoveel details kan waarnemen. In de fotografie noemen we dit "resolving power", oftewel; Zie je straks elke grassprietje afzonderlijk, of krijg je een groene smurrie?

Meer datapunten betekent meer details
 

Het tweede grote voordeel van een groot aantal megapixels is dat je in staat bent om de foto's te vergroten en af te drukken op posterformaat, zonder dat je hierbij kwaliteitsverlies ziet optreden. Natuurlijk heb je geen 20 megapixels nodig voor een foto van 10x15 centimeter, maar als je een poster wilt laten afdrukken van 160x240cm zul je elke pixel hard nodig hebben. Dit heeft alles te maken met de pixeldichtheid van de print. In de fotografie noemt met dit PPI, ook wel pixels per inch. Des te hoger het aantal pixels per inch, des te scherper de afdruk. Het minimale aantal PPI, afhankelijk van wie je het vraagt, moet 150 zijn (meer is beter). Om te berekenen hoe groot een foto dan maximaal mag zijn kunnen we de volgende formule gebruiken:

Als je een foto hebt met een resolutie van 10 megapixels, met horizontaal 3648 en verticaal 2736 pixels, betekent dat 3648/150=24,32 inch, ongeveer 60cm, de maximale breedte is voor een scherpe afdruk. Voor de hoogte geldt dan een maximum van 2736/150=18 inch, ongeveer 45 cm. De maximale vergroting voor een 10 megapixel foto is dus 60x45 cm. Als je grotere afdrukken wilt zal je de PPI moeten verlagen en wordt de afdruk onscherp. Wil je er dus zeker van zijn dat je mooie grote prints kunt maken, zorg er dan voor dat je voldoende megapixels hebt. Tegenwoordig is het heel moeilijk om een digitale camera te vinden met minder dan 10 megapixels, de gemiddelde camera heeft er ongeveer 18. Als je nooit grote prints maakt, maakt het aantal megapixels dus niet heel veel uit. Ben je echter wel van plan om je werk te vergroten, dan wordt het aantal megapixels wel belangrijk. Ter vergelijking heb ik in onderstaande afbeeldingen een vergelijking gemaakt. De foto's zijn even groot, de linker foto heeft echter een instelling van 300 PPI en de rechter van 50 PPI.

300 PPI
 
50 PPI

Nadelen groot aantal megapixels

Er kleven ook een aantal nadelen aan het gebruiken van veel megapixels op een sensor. Het belangrijkste nadeel is wellicht het ontstaan van excessieve beeldruis bij hogere ISO waarden. Ruis bij digitale fotografie wordt veroorzaakt doordat de pixels overladen worden met licht en zo licht gaan "lekken" op andere pixels. Vergelijk het met een ijsblokjesvorm. Als het oppervlakte van de ijsblokjes vorm hetzelfde blijft, zal er in een ijsblokjes vorm met 12 wells meer water in een well gaan dan wanneer er 48 wells in dezelfde vorm zitten. De wells zitten sneller vol.

Meer pixels op hetzelfde oppervlakte betekent kleinere pixels

 

Als je meer megapixels hebt, op een sensor die even groot blijft zoals in figuur 2, worden de pixels ook kleiner. Kleinere pixels zijn sneller "vol" en zullen dus ook sneller gaan "lekken" naar andere pixels. Als je vervolgens de ISO waarde omhoog gooit zullen de pixels nog sneller vol lopen met licht, dus eerder gaan lekken, met als gevolg dat er ruis ontstaat.

Beeldruis bij hoge ISO waarden

 

Uiteraard is dit vrijwel geen nadeel als je bijvoorbeeld graag landschappen fotografeert. Een beetje landschapsfotograaf heeft een statief bij zich en kan daardoor de ISO waarde zo laag mogelijk houden. Ook voor de studiofotograaf, die in staat is om het licht naar zijn hand te zetten, zal dit niet snel een probleem opleveren. De straat- en wildlifefotograaf, waar je vaak hogere ISO waarden moet gebruiken om je sluitertijd hoog genoeg te houden, zal hier eerder problemen aan ondervinden, voornamelijk 's avonds of binnen. Het aantal megapixels wat voor jou nuttig is, is dus sterk afhankelijk van wat je gaat fotograferen. Camera's met veel megapixels zijn doorgaans beter geschikt voor landschap- en studiofotografen, straat- en wildlifefotografen doen er beter aan om minder megapixels te gebruiken.



Een tweede nadeel van veel megapixels is de aanwezigheid van lensfouten. Elk objectief is opgebouwd uit een aantal lenzen. Deze lenzen bevatten allemaal minuscule foutjes met betrekking tot aberratie (schifting van het licht) bij lage diafragma waarden, vertekeningen, vignetering etc..

Lensfout: chromatische aberratie

 

De regel is eigenlijk dat duurdere objectieven, die fluoriet glas gebruiken, over het algemeen minder last hebben van deze lensfouten. Al deze fouten hebben invloed op de kwaliteit van de foto. Om het maximum uit de resolutie van je sensor te halen, wil je dus objectieven gebruiken die kwalitatief goed zijn. Een dure body met veel megapixels kopen en er vervolgens een goedkoper objectief op schroeven is daarom ook niet aan te raden. Sterker nog, het is eigenlijk gewoon zonde. Je kan beter een duur objectief aanschaffen en vervolgens een goedkopere body en daar het maximale uit halen!

Een laatste nadeel van een groot aantal megapixels is de bestandsgrootte. Een RAW foto van 20 megapixels is al snel 25 MB, afhankelijk van de foto. Bij 40 megapixels mag je dat gerust verdubbelen. Dit neem niet alleen met zich mee dat je minder foto's kunt opslaan op je geheugen kaart, maar ook dat je een grotere harde schijf in je computer moet hebben om alle foto's op te kunnen slaan. Tevens dien je een krachtigere computer te hebben om met de grote bestanden om te kunnen gaan (denk aan inladen, photoshop bewerkingen etc.).

Samengevat:

  • Aantal nuttige megapixels is afhankelijk van de toepassing
  • Groot aantal megapixels betekent meer detail in je foto's
  • Groot aantal megapixels betekent meer mogelijkheden tot vergroting
  • Minder megapixels betekent minder beeldruis bij hogere ISO waarden
  • Minder megapixels betekent minder last van lensfouten van goedkopere objectieven
  • Duurder objectief op een goedkopere body is beter dan andersom

Google PhotosIn oktober verschenen de Live Albums voor Google Photos. Twee maanden later verdubbelt Google reeds het aantal foto’s dat je kan opslaan.

Twee maanden geleden konden we kennismaken met Live Albums die Google heeft toegevoegd aan Google Photos. Dit onderdeel van de foto-opslagsoftware voegt foto’s in je Google Photos automatisch toe aan bepaalde albums op basis van machine learning. Zo kan je een fotoalbum aanmaken waaraan automatisch foto’s van huisdieren worden toegevoegd of familiefoto’s.

De Live Albums zijn echter nog niet wereldwijd beschikbaar ondanks dat de lancering reeds twee maanden geleden is. In België kan je bijvoorbeeld nog geen gebruik maken van de automatische functie. Toch heeft Google reeds beslist om de opslagcapaciteit van de albums op te trekken van 10.000 tot 20.000 foto’s per album. Dit wist Android Police te ontdekken via een aangepaste ondersteuningspagina van Google over de functie.

Het klinkt misschien belachelijk dat de limiet meteen verdubbeld is, want 10.000 foto’s in een album is reeds een enorm hoog aantal. Maar als gebruikers reeds jarenlang een back-up van hun foto’s lieten maken in Google Photos en die foto’s ook meteen werden toegevoegd aan de Live Albums dan bestaat de kans dat de limiet van 10.000 relatief snel bereikt werd.

Door een verdubbeling van de limiet is de kans klein dat er in de nabije toekomst nog een upgrade zal plaatsvinden.